Trial

Sociale trends & technologische trends

Sociale trends

High impact

Diversiteit en inclusiviteit (arbeidsmigratie)

De samenleving wordt diverser in achtergrond, cultuur, taal, gezinsvormen en identiteit. Inclusiviteit betekent dat voorzieningen en ondersteuning aansluiten bij al die verschillen. Dit vraagt van professionals dat zij beter begrijpen wat verschillende groepen nodig hebben en hoe zij vertrouwen opbouwen.

Specifiek zien we dat arbeidsmigratie de afgelopen jaren sterk is toegenomen, vooral in logistiek, land- en tuinbouw en distributie (IBO-notitie Arbeidsmigratie en sociale cohesie in Nederland). Hoewel arbeidsmigratie economisch bijdraagt aan groei, laat het SCP zien dat de concentratie van arbeidsmigranten in specifieke wijken en gemeenten kan leiden tot druk op leefbaarheid, woningmarkt, voorzieningen en onderlinge cohesie. Vooral in buurten met al bestaande kwetsbaarheid neemt het gevoel van sociale afstand en overbelasting toe. Gemeenten signaleren daarnaast dat arbeidsmigranten relatief vaker in tijdelijke of onzekere woon- en werksituaties verkeren, wat kan leiden tot beperkte aansluiting op reguliere ondersteuning, hogere mobiliteit en minder duurzame inbedding in wijknetwerken.

De betekenis voor het sociaal domein is tweeledig. Enerzijds vraagt arbeidsmigratie om gerichte inzet op integratie, taalondersteuning, informatievoorziening en toegang tot zorg en welzijn. Anderzijds kan een snelle bevolkingsgroei in bepaalde wijken leiden tot extra druk op wijkteams, schulddienstverlening, jeugdhulp (bij gezinnen die zich vestigen) en Wmo-voorzieningen. De relatie met sociale cohesie is daarbij cruciaal: wanneer binding met de buurt en onderlinge steun beperkt blijft, verschuift de druk sneller naar formele ondersteuning.

Voor Incluzio betekent een grotere diversiteit en focus op inclusiviteit, de vraag om meer cultuursensitief werken, laagdrempelige informatievoorziening en outreachend werken.

High impact

Klassegedreven ongelijkheid

De klassieke tegenstelling tussen stad en platteland is minder relevant dan vaak wordt aangenomen. In het SCP-onderzoeksrapport ‘Verdeeld over het Land’ (2025) wordt aangetoond dat ongelijkheid in Nederland primair wordt bepaald door sociale klasse (beschikking over hulpbronnen). Die sociale klasse wordt gevormd door een combinatie van economisch, sociaal, cultureel en persoonskapitaal, zoals inkomen, netwerk, opleiding en gezondheid. Verschillen in opvattingen, welzijn, ervaren discriminatie en vertrouwen hangen sterker samen met klasse dan met plek. Ongeveer één op de zes Nederlanders heeft een stapeling van tekorten op deze hulpbronnen. Verschillen naar opleiding, inkomen en gezondheid vertalen zich direct in minder participatie, lager vertrouwen en slechter welbevinden.

Voor Incluzio is het belangrijk om bewust te zijn dat ongelijkheid zich manifesteert binnen regio’s en wijken, niet alleen ertussen. Het vraagstuk verschuift daarmee van gebiedsgericht denken naar mens- en klassegericht denken. De focus komt te liggen op integraal kijken naar hulpbronnen, niet alleen inkomen of zorg, maar ook sociaal netwerk, gezondheid en zelfredzaamheid, en naar het versterker van sociaal kapitaal, zoals het investeren in netwerken, gemeenschapsvorming en toegang tot informele steun.

Bronnen:

Verdeeld over het land | Sociaal en Cultureel Planbureau

High impact

Druk op mantelzorgers

Mantelzorgers krijgen steeds meer zorgtaken en combineren deze vaak met werk en gezin. Hierdoor neemt het risico op overbelasting toe.

In het sociaal domein vraagt dit om ondersteuning en ontlasting van mantelzorgers, zodat zij hun zorgtaken langer kunnen volhouden zonder zelf uit te vallen.

High impact

Meer nadruk op impact en data

Overheden en maatschappelijke organisaties willen steeds beter inzicht krijgen in wat ondersteuning daadwerkelijk oplevert. Daarbij verschuift de aandacht van activiteiten naar maatschappelijke resultaten. In de Interbestuurlijke Datastrategie (IBDS ) werken Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen samen aan een betere inzet van data voor maatschappelijke opgaven zoals armoede, schulden, wonen en zorg.

Zo wordt niet alleen gekeken naar het aantal gesprekken of trajecten, maar ook naar effecten zoals minder schulden, meer zelfredzaamheid of betere participatie. In het sociaal domein vraagt dit om een slimme inzet van data en het meten van maatschappelijke impact.

High impact

Outcome-based financiering

Steeds vaker wordt gekeken naar de maatschappelijke resultaten van ondersteuning in plaats van alleen naar de uitgevoerde activiteiten. Daarmee verschuift de aandacht van inspanning naar effect.

Een voorbeeld is financiering op basis van het daadwerkelijk verminderen van schulden of het vergroten van participatie. In het sociaal domein vraagt dit om duidelijke afspraken over doelen, resultaten en impact.

High impact

Co-creatie van beleid, uitvoering en inwoners

Gemeenten betrekken inwoners, professionals en maatschappelijke organisaties steeds vaker bij het ontwikkelen van beleid. Hierdoor ontstaat beter inzicht in wat er speelt en wat inwoners nodig hebben.

Een wijkplan dat samen met bewoners wordt opgesteld sluit vaak beter aan bij de praktijk dan beleid dat uitsluitend vanachter een bureau wordt ontwikkeld. In het sociaal domein vraagt dit om een actieve samenwerking tussen beleid, uitvoering en inwoners.


Medium impact

Klimaatkwetsbaarheid

Het RIVM benadrukt dat klimaatverandering niet alleen een milieuvraagstuk is, maar ook een gezondheidsvraagstuk. Ouderen boven de 75 jaar worden expliciet genoemd als de meest kwetsbare groep tijdens hitteperioden. Daarnaast beïnvloedt klimaatverandering de gezondheid via verslechterde luchtkwaliteit, allergieën en infectieziekten, waardoor de druk op kwetsbare inwoners verder kan toenemen (RIVM – Klimaatverandering en gezondheid; RIVM – Hitte en gezondheid).

Tegelijkertijd dreigt de kloof tussen inwoners met hoge en lage inkomens verder toe te nemen. De energietransitie vraagt investeringen in woningverduurzaming, terwijl stijgende energieprijzen juist huishoudens met beperkte financiële ruimte het hardst raken. Verschillende onderzoeken wijzen erop dat energiearmoede en klimaatkwetsbaarheid steeds vaker samenkomen in dezelfde wijken en huishoudens (SCP – Sociale gevolgen van de energietransitie; Movisie – Energiearmoede en kwetsbare groepen).

Voor Incluzio biedt dit kansen om sociale ondersteuning en klimaatadaptatie sterker met elkaar te verbinden. Denk aan het signaleren van alleenwonende ouderen tijdens hittegolven, het versterken van informele netwerken in de wijk en samenwerking met woningcorporaties rondom verduurzaming en leefbaarheid. De ervaringen met verduurzaming via sociaal werk, zoals in Twenterand, laten zien dat sociaal professionals een belangrijke rol kunnen spelen bij bewustwording, ondersteuning en het bereiken van kwetsbare inwoners. Ook liggen er kansen om hierbij gebruik te maken van de duurzaamheids- en huisvestingsexpertise binnen Facilicom.

Medium impact

Participatiesamenleving

Van inwoners wordt steeds vaker verwacht dat zij zelf oplossingen organiseren en elkaar ondersteunen. In de praktijk blijkt dat niet iedereen beschikt over een sterk sociaal netwerk of voldoende mogelijkheden om hulp te regelen.

In het sociaal domein vraagt dit om een realistische benadering van participatie, met aandacht voor inwoners die extra ondersteuning nodig hebben om mee te kunnen doen.

Medium impact

Toenemende invloed van publieke opinie

Maatschappelijke discussies verspreiden zich steeds sneller via nieuwsmedia en sociale media. Hierdoor kunnen incidenten of maatschappelijke thema's veel invloed hebben op politieke keuzes en beleidsontwikkeling.

Een incident in de jeugdzorg kan bijvoorbeeld leiden tot extra aandacht, onderzoek of aanpassing van beleid. In het sociaal domein vraagt dit om zorgvuldige communicatie en het blijven baseren van keuzes op feiten en ervaringen uit de praktijk. (SCP – Burgerperspectieven)

Medium impact

Afnemend vertrouwen in instituties

Steeds meer inwoners ervaren afstand tot de overheid en andere maatschappelijke instellingen. Het NJi maakt onderscheid tussen spanningen tussen groepen inwoners onderling en spanningen tussen inwoners en de overheid. Vooral dat laatste speelt een belangrijke rol in het sociaal domein. Ook het SCP ziet dat zorgen over onderwerpen als wonen, bestaanszekerheid en politiek invloed hebben op het vertrouwen van inwoners in de overheid.  Hoe gepolariseerd is Nederland? | Nederlands Jeugdinstituut

Sociaal werkers zien deze ontwikkeling ook terug in de praktijk. Uit de Grote Raadpleging van het Sociaal Werk 2025 van Movisies 2025 blijkt dat veel professionals een toename zien van spanningen tussen inwoners en overheid. In het sociaal domein vraagt dit om aandacht voor vertrouwen, toegankelijkheid en het betrekken van inwoners bij beleid en uitvoering.

Technologische trends

High impact

Data-analyse

Data-analyse betekent dat gegevens worden gebruikt om patronen te herkennen en betere beslissingen te nemen. Binnen het sociaal domein helpt data-analyse om problemen eerder te signaleren en ondersteuning beter af te stemmen op wat inwoners nodig hebben. Gemeenten gebruiken data steeds vaker om inzicht te krijgen in maatschappelijke ontwikkelingen en om preventiever te werken (VNG, datagedreven werken

Een concreet voorbeeld is het combineren van signalen over schulden, schooluitval en zorggebruik. Door deze gegevens samen te bekijken, kan eerder worden gezien welke inwoners risico lopen op multiproblematiek. Hierdoor kan een wijkteam sneller ondersteuning bieden, nog voordat problemen verder oplopen.

High impact

Generatieve en agentic AI

Kunstmatige intelligentie (AI) wordt steeds vaker gebruikt om werkprocessen te ondersteunen. Generatieve AI kan teksten, samenvattingen en adviezen maken op basis van bestaande informatie. Agentic AI gaat een stap verder en kan zelfstandig taken uitvoeren, zoals informatie verzamelen, analyses maken of acties voorstellen. De Rijksoverheid ziet kansen voor AI om de dienstverlening te verbeteren, mits dit op een verantwoorde manier gebeurt (Rijksoverheid, 2023).

In de praktijk kan AI een professional ondersteunen door automatisch een samenvatting van een dossier te maken of mee te denken bij het opstellen van een ondersteuningsplan. Ook kan AI inwoners sneller antwoord geven op veelgestelde vragen via een chatbot of digitaal loket. Hierdoor blijft er meer tijd over voor persoonlijk contact.

High impact

Outcome-based data-analyse

Bij outcome-based data-analyse ligt de focus op de maatschappelijke resultaten die worden bereikt, in plaats van op de activiteiten die zijn uitgevoerd. Het gaat daarbij om de vraag welk effect ondersteuning heeft gehad op het leven van inwoners.

Een voorbeeld is het meten van veranderingen in welzijn, zelfredzaamheid of participatie na een interventie. In plaats van alleen te registreren hoeveel gesprekken een professional heeft gevoerd, wordt gekeken of de situatie van een inwoner daadwerkelijk is verbeterd. Deze manier van werken sluit aan bij de ontwikkeling naar outcomegericht werken en outcomegerichte financiering binnen het sociaal domein (Movisie, outcome- meten).

High impact

Virtuele en hybride ontmoetingsplekken

Ontmoetingen tussen inwoners vinden steeds vaker zowel online als fysiek plaats. Door digitale mogelijkheden kunnen mensen makkelijker contact leggen, informatie delen en activiteiten organiseren. Tegelijkertijd blijft persoonlijk contact belangrijk voor het opbouwen van vertrouwen en sociale verbinding. Daarom ontstaan steeds meer hybride ontmoetingsplekken waarin online en fysieke ontmoetingen elkaar aanvullen.

Een voorbeeld hiervan is een online buurtplatform waarop bewoners elkaar helpen, vragen stellen of activiteiten organiseren. Deze digitale ontmoetingen kunnen vervolgens worden gecombineerd met fysieke bijeenkomsten in de wijk, zoals buurtactiviteiten of bewonersavonden. Hierdoor wordt de betrokkenheid van inwoners vergroot en kunnen meer mensen deelnemen aan sociale activiteiten.

High impact

Spraaktechnologie en chatbots

Spraaktechnologie en chatbots maken het mogelijk om via tekst of spraak te communiceren met een digitaal systeem. Deze technologie wordt steeds vaker ingezet om vragen van inwoners te beantwoorden en informatie toegankelijker te maken.

Binnen het sociaal domein kan een chatbot bijvoorbeeld uitleg geven over voorzieningen, openingstijden of aanvraagprocedures. Ook kan een digitale assistent inwoners begeleiden bij het invullen van formulieren of het vinden van de juiste ondersteuning. Hierdoor wordt de drempel om hulp te zoeken lager en houden medewerkers meer tijd over voor complexere vragen en persoonlijk contact.

High impact

Digitale inclusie

Digitale inclusie betekent dat iedereen kan meedoen in de digitale samenleving. Vaak gaat het hierbij om inwoners die moeite hebben met digitale middelen en ondersteuning nodig hebben om gebruik te maken van online dienstverlening (Alliantie Digitaal Samenleven, 2024).

Tegelijkertijd groeit een groep inwoners op in een volledig digitale wereld. Deze zogenaamde digital natives verwachten dat dienstverlening aansluit bij hun leefwereld. Wanneer ondersteuning vooral via fysieke loketten, telefoongesprekken of papieren processen verloopt, kan dit juist een drempel vormen. Digitale inclusie betekent daarom niet alleen dat mensen digitaal leren meedoen, maar ook dat dienstverlening aansluit bij verschillende behoeften en manieren van communiceren.

Een voorbeeld is het aanbieden van ondersteuning via een app, chatfunctie of online platform, terwijl er tegelijkertijd alternatieven beschikbaar blijven voor inwoners die liever persoonlijk contact hebben.

High impact

Internet of Things en slimme leefomgeving

Het Internet of Things (IoT) betekent dat apparaten via internet met elkaar verbonden zijn en gegevens uitwisselen. Hierdoor kunnen situaties automatisch worden gemonitord en kunnen apparaten zelfstandig reageren op veranderingen.

Binnen het sociaal domein kan IoT bijdragen aan langer zelfstandig wonen. Een voorbeeld is een sensor in huis die signaleert wanneer iemand langere tijd niet actief is. Wanneer nodig kan automatisch een melding worden gestuurd naar een mantelzorger of zorgprofessional.

High impact

Technologie als poort naar participatie

Technologie kan bijdragen aan maatschappelijke participatie door drempels te verlagen en inwoners makkelijker met elkaar en met organisaties te verbinden. Digitale toepassingen maken het eenvoudiger om informatie te vinden, activiteiten te ontdekken en deel te nemen aan initiatieven in de buurt.

Een voorbeeld is een online platform waarop inwoners vrijwilligerswerk kunnen vinden, zich kunnen aanmelden voor buurtactiviteiten of contact kunnen leggen met andere bewoners. Hierdoor wordt deelname aan de samenleving toegankelijker en kunnen meer mensen actief betrokken raken bij hun omgeving.

High impact

Ethische AI

Ethische AI betekent dat algoritmes eerlijk, transparant en uitlegbaar zijn. Mensen moeten kunnen begrijpen hoe een systeem tot een besluit komt, zeker wanneer dit invloed heeft op ondersteuning of dienstverlening.

Een voorbeeld is het voorkomen dat een algoritme bepaalde groepen inwoners onbedoeld benadeelt bij het toekennen van ondersteuning. Daarom is het belangrijk dat AI-systemen regelmatig worden gecontroleerd en verantwoord worden ingezet.


Medium impact

Process mining en data mining

Process mining en data mining zijn technieken waarmee organisaties meer inzicht krijgen in hun gegevens en werkprocessen. Data mining zoekt naar patronen en verbanden in grote hoeveelheden data. Process mining laat zien hoe processen in werkelijkheid verlopen op basis van gegevens uit systemen.

Een voorbeeld binnen het sociaal domein is het analyseren van het aanvraagproces voor een Wmo-voorziening. Met process mining kan zichtbaar worden waar vertraging ontstaat, bijvoorbeeld tijdens de intake of de besluitvorming. Hierdoor kunnen organisaties gerichte verbeteringen doorvoeren en inwoners sneller helpen.

Medium impact

Low-code platforms

Low-code platforms maken het mogelijk om digitale toepassingen te bouwen met weinig programmeerkennis. Hierdoor kunnen organisaties sneller inspelen op nieuwe behoeften zonder lange IT-trajecten.

Een voorbeeld is een eenvoudige app waarin bewoners meldingen kunnen doen over hun buurt of waarin vrijwilligers zich kunnen aanmelden voor activiteiten. Ook kunnen teams zelf een applicatie ontwikkelen om informatie te delen of aanvragen te registreren. Dit maakt innovatie toegankelijker en zorgt ervoor dat oplossingen sneller beschikbaar zijn.

Medium impact

AR en VR

Augmented Reality (AR) voegt digitale informatie toe aan de echte wereld, terwijl Virtual Reality (VR) gebruikers onderdompelt in een volledig digitale omgeving. Deze technologieën worden steeds vaker gebruikt voor training, educatie en begeleiding.

Binnen het sociaal domein kan VR worden ingezet om professionals te trainen in gespreksvaardigheden of het omgaan met lastige situaties. Ook kunnen jongeren oefenen met dagelijkse situaties, zoals een sollicitatiegesprek of het voeren van een moeilijk gesprek. Hierdoor kunnen vaardigheden op een veilige en realistische manier worden ontwikkeld (vr-bril-bij-valpreventie-stimuleert-patienten-beter-te-bewegen).